>> Weird hot wink
Af en toe moet het even voor mijn eigen gemoedsrust. Even dat ene stukje bevestiging waar ik naar op zoek was, puur om mijzelf weer even te egoboosten. Spiegeltje, spiegeltje, aan de wand, wie is er het mooiste in het land? “Jij natuurlijk, DOL. Je bent God’s gift to women met je wilde manen en gespierde lichaam.” Nou nou, denk ik dan in negen van de tien gevallen, aangezien die spiegel wel heel erg complimenteus is aangelegd. Maar dan kijk ik zelf nog eens wat langer naar dat reflecterende licht en ik weet: hij heeft gelijk.
Dat is op zich niet zo’n vreemde conclusie, aangezien u daar al wel langer van op de hoogte bent. Dus daar ga ik het verder ook helemaal niet over hebben. Da’s toch maar verrekte zinloos en bovendien verre van interessant – alsof dit dat wél is… Wees niet getreurd lieve lezers, er is mij nog meer opgevallen.
Normaal gesproken gebruik ik die spiegel eigenlijk maar voor twee dingen: mijn zicht verbeteren en het gewapend met een mes voorkomen dat ik overkom als een primaat. Het tweede ga ik niet verder op in, aangezien meer dan vijftig procent van de bevolking dat doet. En dat eerste? Tja, dat is sinds een week of twee alleen wat anders.
Huh? Wat? Ja, ik moest namelijk weer eens naar het ziekenhuis. Uit laksheid eigenlijk, maar toch. Laat ik voor het gemak maar even bij het begin beginnen. Da’s wel zo makkelijk.
Op een mooie augustusochtend stond DOL op. De dag ervoor had hij al wat last van zijn oog. Ach, dat zou vast veroorzaakt zijn door een verrotte contactlens. Kreng uit en maar eens goed wat slaap pakken, luidde het advies van de amateurchirurg.
Damn, nog steeds had de jonge god last van zijn oog. Daar moest dus iets mee aan de hand zijn, dacht hij nog. Morgen maar eens bij de huisarts langs. Probleem is echter dat hij geen idee had wie dat was. Nummer één was overleden, nummer twee, wiens naam hij nog n’tt fout wist te spellen was recent overleden, maar hoe die nieuwe knakker nou heette? Nou ja, dan maar naar die huisartsenpraktijk om de hoek. Scheelde ook een treinkaartje.
Op het station, wachtend op de trein richting Arbeitseinsatz was het niet meer te harden. Goffetomme, wat deed dat oog toch een pijn. Toch maar weer de lens eruit gehaald. Nee, die in zijn linkeroog liet DOL zitten, aangezien hij toch íets moest zien – een beetje mongool vergeet tenslotte zijn bril wel. Een orgasmische verlichting ging door zijn lichaam. Nou ja, het was maar voor een dagje.
“Wat is er mis met je oog?” “Ik zou het niet weten.” Enfin, zo ging het de rest van de da. Dieptepunt? Rondborstig mieppie van de bovenverdieping die DOL met zijn behaalde resultaten kwam feliciteren en meteen vroeg of hij een werkinstructie wilde schrijven, opdat zijn collegae ook op dat niveau zouden komen. Maar niet voor te vragen: “Je bent vanmorgen toch wel met dat oog maar de dokter geweest hè.” “Nope.” “Dat moet je vandaag dan nog wel doen.” “Joah, joah.”
Collegaatje E. besloot actie te ondernemen, aangezien wanneer zijn dienst afgelopen was, DOL niet meer bij hem in het dorp bij de huisdokter binnen kon komen zetten. “Ga anders naar de eerste hulp.” Strak plan, vond uw aller vriend en collegaatje E. ging anderhalf uur later gezellig mee.
De eerste hulp, daar had DOL alleen maar nare ervaringen mee, bedacht hij zich. Twee uur wachten was niets. Maar de gedachte aan de fijne zusters bij de voorlaatste keer dat hij volkomen van de wereld door een ambulance was afgevoerd, deed hem deugd. Here we go.
Is dit wel een ziekenhuis, dacht onze hoofdpersoon. De wachtkamer in deze middelgrote stad was leeg. Echt waar, leeg. Als in dat er niemand zat te wachten. “Oh”, zei het spook tegen hem toen ze vroeg waarvoor hij hun de eer gunde een levende legende zomaar op een dinsdagmiddag te ontmoeten, “daar moet je voor bij de huisarts zijn.”
DOL besloot maar eens een charme-offensief in te zetten. En verdomd, het had nog resultaat ook. Vijf minuten later leverde hij zijn nieuwe ponskaart in bij de oogpoli. Hmmm… een volle wachtkamer. Een vrolijke arts kwam een kantoor uit. Ging rechtstreeks op een vent af. Moest hij wel mee afgesproken hebben. Totdat de dames van de receptie met hun Staphorster look zich tot hem richtten. “Er is nog iemand bijgekomen.”
De toekomstig winnaar van de Nobelprijs voor de Literatuur had hoop, maar wist tegen beter weten in dat hij toch niet aan de beurt zou zijn. Er zaten immers nog tien andere mensen! Maar nee hoor… “Meneer DOL?” “Jah.” Komt u maar mee.
Een bindweefselontsteking, luidde de diagnose. Viermaal per dag druppelen totdat het flesje leeg is – er komt nog steeds wat uit. Plus nog eens driemaal per dag een pilletje naar binnen werken – hetgeen het dagtotaal op vijf brengt.
Bon, nadat ik gedruppeld heb, moet ik dus nog een tijdje ergens op drukken om te voorkomen dat de drugs niet verloren gaan. Heb ik dus de tijd om nóg langer in de spiegel te kijken. En dan pas vallen mijn wenkbrauwen mij op. Vreemde dingen eigenlijk. Compleet nutteloos en als je ze eens goed bekijkt ook nog eens verdomd lelijk, maar als je ze niet hebt…
About this entry
You’re currently reading “>> Weird hot wink,” an entry on GeenNuance.nl
- Published:
- 08/09/2007 / 17:02
- Category:
- Da's de natuur, Rondom DOL, Werksores
- Tags:

5 Comments
Jump to comment form | comment rss [?] | trackback uri [?]